Juist daar raakt een toekomstvisie als Zeeland 2050 aan ons werk. Groei brengt kansen met zich mee, maar heeft ook concrete gevolgen. Meer woningen en bedrijvigheid leggen meer druk op het watersysteem. Nieuwe industrie en energie vragen om water, vaak ook om koelwater. En meer activiteiten betekenen simpelweg meer verkeer op wegen die wij beheren. Dat zijn geen bezwaren, maar is gewoon de realiteit waar we rekening mee moeten houden.

Voor een provincie als Zeeland betekent dit dat ruimtelijke keuzes niet los gezien kunnen worden van het natuurlijke systeem. Water en bodem geven richting aan wat mogelijk is.

We bedoelen daarmee dat de eigenschappen van de ondergrond en de manier waarop water zich gedraagt bepalen waar ontwikkeling kansrijk is, en waar beperkingen gelden. Als we die uitgangspunten vanaf het begin serieus nemen voorkomen we dat we later tegen grenzen aanlopen. Geen hindernis dus, maar een vertrekpunt.

Daarnaast vraagt de uitvoering van grote plannen om tijd en voorbereiding. Aanpassingen aan dijken, watersystemen of infrastructuur zijn projecten van een lange adem. Ze vragen jaren van voorbereiding, keuzes die op tijd moeten worden gemaakt en voldoende capaciteit om ze uit te voeren.

Zeeland maken we samen, en grote opgaven vragen om gezamenlijke keuzes.”

Daar hoort ook een eerlijke verdeling van rollen én middelen bij. Als ambities leiden tot extra investeringen in water en infrastructuur, is het belangrijk dat daar heldere afspraken over worden gemaakt. Niet alleen over wie waarvoor verantwoordelijk is, maar ook over wie welke bijdrage levert. Zodat de lasten die samenhangen met nationale en regionale ambities in balans blijven, en niet automatisch bij het waterschap – en daarmee bij de belastingbetaler – terechtkomen.  

De zienswijze die wij hebben geschreven brengt die belangrijke punten tijdig in beeld. Niet als tegenwerping, maar als bijdrage aan de volgende stap. Zodat we samen bouwen aan plannen die even ambitieus als haalbaar zijn.

Daarbij geloven we sterk in samenwerking. Zeeland maken we samen, en grote opgaven vragen om gezamenlijke keuzes. Dat betekent dat je elkaar scherp houdt, vragen stelt of een andere invalshoek inbrengt. Juist dat maakt plannen beter.

Voor mij is dat geen stilstand: dat is vooruitkijken. Met een nuchtere blik, en met oog voor wat nodig is om Zeeland ook op de lange termijn sterk en leefbaar te houden.

Niet met de hakken in het zand, maar gewoon met de voeten in de klei.

Toine Poppelaars
Dijkgraaf waterschap Scheldestromen