Korf of klepel? 

Voor een agrariër is de maaimethode van belang om te weten hoe het maaisel verwerkt wordt. Bij korfmaaien wordt het maaisel in zijn geheel op aangrenzende percelen gelegd, waardoor beestjes een grotere overlevingskans hebben. Na drie dagen wordt het maaisel alsnog klein gemaakt en kan de agrariër de strook naast de sloot weer bewerken. De agrariër mag het maaisel ook zelf afvoeren. Dit kan meteen bij het maaien of later als het op de kant ligt. Bij klepelmaaien wordt het maaisel direct verkleind waardoor beestjes een kleinere overlevingskans hebben. De agrariër kan bij klepelmaaien het maaisel vrijwel direct verwerken en het perceel weer sneller benutten. Daarnaast is de hoeveelheid maaisel dat bij korfmaaien op het perceel komt, groter dan bij klepelmaaien. 

In Zeeuws-Vlaanderen is korfmaaien al jaren onderdeel van het beheer en onderhoud van sloten. In gebieden boven de Westerschelde werd tot nu uitsluitend klepelmaaien toegepast. Door veranderende wetgeving wordt bij aanwezigheid van beschermde plant- en diersoorten nu gedwongen overgegaan op korfmaaien. Op www.scheldestromen.nl/maaiensloten is een interactieve kaart te vinden waarop per sloot de maaimethode wordt aangegeven.

Baggeren

Voor het baggeren van sloten blijft de aanpak ongewijzigd. Het werkgebied van waterschap Scheldestromen is opgedeeld in verschillende baggergebieden zodat eens in de acht jaar elk gebied wordt gebaggerd. Baggeren is noodzakelijk om de sloten op diepte te houden. Op www.scheldestromen.nl/baggeren zijn per jaar de exacte baggerlocaties te vinden. Eigenaren van grond binnen de baggergebieden zijn per brief geïnformeerd over de werkzaamheden. Het maaiwerk voorafgaand aan het baggerwerk kan wel anders zijn.

Vasthouden en afvoeren

Onderhoud van de sloten is noodzakelijk om water goed te kunnen afvoeren in natte perioden en vast te kunnen houden in droge perioden. Het waterschap is verantwoordelijk voor de hoeveelheid en kwaliteit van water in sloten.

Ook voor agrariërs is dit van belang, omdat de groei van gewassen mede afhankelijk is van een goede aan- en afvoer van water via de sloten. De onderhoudswerkzaamheden worden voornamelijk vanaf het land uitgevoerd, waardoor weggebruikers hier nauwelijks hinder van ondervinden. Om schade aan gewassen te voorkomen vindt het maaien en baggeren plaats na de oogst, tussen half augustus en eind december, wanneer de percelen leeg zijn. De maai- en baggerwerkzaamheden worden grotendeels uitgevoerd door regionale aannemers, maar ook door medewerkers van het waterschap.

In de Omgevingswet is opgenomen dat landeigenaren een ontvangstplicht hebben voor het maaisel en de baggerspecie. De ontvangstplicht blijft van kracht ook wanneer er naast de sloot een bufferstrook of akkerrand ligt.