De eerste maaironde, die noodzakelijk is om de verkeersveiligheid te waarborgen, vindt plaats tijdens het broedseizoen. Maaien tijdens het broedseizoen is alleen toegestaan als er zwaarwegende, maatschappelijke belangen zijn. Verkeersveiligheid is zo’n belang. Om verkeersdeelnemers een zo veilig mogelijke omgeving te bieden, is het van belang om al vroeg in het seizoen te starten met de werkzaamheden. Daarbij houdt het waterschap met z’n maaiwijze rekening met de natuur door maximaal 1,5 meter breed te maaien. Deze strook is door verstoring van verkeer sowieso minder geschikt als broedplaats of als leefgebied voor beschermde en waardevolle plantensoorten.
Waterkeringen en recreatieterreinen
Waterkeringen maaien we om te voorkomen dat de grasmat zijn sterkte verliest. Iets wat kan gebeuren als het gras te lang wordt. Het is onze plicht om de dijk veilig te houden. We maaien dijken intensiever waar veel gerecreëerd wordt en bij recreatieterreinen zoals bij het Veerse Meer. Om klaar te zijn voor het seizoen, beginnen we daar ook al in april mee om het gras kort te houden, zodat het ook geen aantrekkelijke plek wordt voor plant en dier. Bij het maaien houden we rekening met de natuur door op bepaalde locaties gefaseerd te maaien en het maaisel af te voeren.