In de praktijk leidt dit beleid tot knelpunten bij de aanleg van telecomaansluitingen, bijvoorbeeld voor glasvezel in het buitengebied. Bij huisaansluitingen gaat het vaak om korte trajecten. Onderlangs kruisen is dan technisch lastig uitvoerbaar of brengt hoge kosten met zich mee. Als onderlangs kruisen niet mogelijk is, moet per aanvraag een afwijking worden onderbouwd en bestuurlijk worden voorgelegd. Dat zorgt voor extra administratieve lasten en minder uniformiteit.
Daarom stemde het dagelijks bestuur in met het voorstel om glasvezelkabels duikers bovenlangs te laten kruisen. Deze afwijking is gerechtvaardigd, omdat het huidige beleid in sommige gevallen een efficiënte aanleg van glasvezel belemmert. Tegelijk wordt digitale bereikbaarheid steeds belangrijker. De impact op het watersysteem is beperkt, omdat het gaat om relatief lichte kabels en kleinschalige aansluitingen.
Bovendien sluit deze aanpak aan bij de bestaande uitvoeringspraktijk: in individuele gevallen werd al vergunning verleend voor bovenlangs kruisen wanneer onderlangs kruisen niet mogelijk was. Door dit nu eenduidig te regelen, ontstaat een efficiëntere werkwijze en hoeft niet iedere aanvraag afzonderlijk bestuurlijk te worden beoordeeld. Het waterschap draagt hiermee bij aan lagere kosten en een sneller proces bij de aanleg van glasvezel.