Waterschap maait zorgvuldig langs wegen

20 apr 2017

Om ervoor te zorgen dat weggebruikers veilig gebruik kunnen maken van waterschapswegen, zorgt waterschap Scheldestromen ervoor dat weggebruikers goed zicht hebben op de omgeving en op andere weggebruikers, maar ook dat bermen veilig genoeg zijn. Daarom worden bermen regelmatig gemaaid. Dit gebeurt ook in het broedseizoen (15 maart – 15 juli). Maaien tijdens het broedseizoen is alleen toegestaan als er een zwaarwegend maatschappelijk belang is. Verkeersveiligheid is zo’n belang. Het waterschap weegt altijd zorgvuldig af waar het wel en waar het niet kan maaien. Zodra het voor de verkeersveiligheid nodig is, worden bermen gemaaid met oog voor flora en fauna.

In het voorjaar maait het waterschap gevaarlijke kruispunten, onoverzichtelijke bochten en de bermen tot een breedte van twee meter. Pas na het broedseizoen maait het schap de wegen nog een keer en worden de bermen soms breder gemaaid. De drukste wegen worden drie keer per jaar gemaaid.


Maatregelen

Het waterschap doet er alles aan om te voorkomen dat het tijdens het maaien per ongeluk broedende vogels of beschermde soorten verstoort.

  • Het deel dat het schap maait is niet breder dan 2 meter. In bochten en bij kruispunten maait het schap wel de hele breedte van de berm. En als er ongewenste planten, zoals reuzenberenklauw of akkerdistel, groeien, maait het ook een breder deel. Vogels vinden het niet prettig om vlak langs de weg hun nest te bouwen. Ze hebben namelijk te veel last van langskomend verkeer.
  • Als het waterschap breder dan de eerste twee meter van de berm moet maaien, worden bermen extra gecontroleerd op broedende vogels of zeldzame plantensoorten.
  • Als medewerkers iets vinden dan wordt in een straal van vijf meter rondom het nest niet gemaaid.
  • Alle maaichauffeurs hebben een veldgids flora en fauna. Daarin kunnen ze precies vinden wat ze moeten beschermen en hoe er gewerkt moet worden.