Maaien van wegbermen

Wegbermen maaien we zodat de weggebruiker goed zicht heeft op de weg en overige weggebruikers, maar ook dat hij bij het uitwijken kan zien of er in de berm geen obstakels liggen.

Wanneer maaien we onze bermen?

We hebben een voorjaarsmaai, zomermaai en najaarsmaai. Wanneer die precies plaatsvinden is afhankelijk van het groeiseizoen. 

Hoe we onze bermen maaien?

In het voorjaar maaien we de bermen tot een breedte van maximaal twee meter. Binnen deze strook nestelen vrijwel geen vogels, omdat deze strook door verstoring van het verkeer minder geschikt is als broedgebied. Ook is deze strook minder geschikt als leefgebied voor beschermde en waardevolle plantensoorten. Ook als er ongewenste planten groeien, zoals reuzenberenklauw of akkerdistel, maait het waterschap een breder deel. Om te voldoen aan de provinciale distelverordening, worden akkerdistels ook buiten de maairondes aangepakt. In die gevallen worden niet complete bermen gemaaid, maar wordt alleen de distelhaard aangepakt.
Gevaarlijke kruispunten en onoverzichtelijke bochten worden breder gemaaid om te voorkomen dat hoog gras het zicht van verkeersdeelnemers belemmert. 
Als breder dan de eerste twee meter van de berm maaien noodzakelijk is, worden bermen gecontroleerd op broedende vogels en/of waardevolle plantensoorten. 
In de zomer worden alleen de drukke doorgaande wegen en een deel van de grindwegen gemaaid. In het najaar volgen dezelfde wegen als in het voorjaar. 
Afhankelijk van de hoeveelheid wilde begroeiing maait het waterschap de bermen eens in de drie tot vijf jaar over de volledige breedte.