Grondstoffen uit bomen

Het waterschap heeft 125.000 bomen. Die bomen gaan gemiddeld 40 jaar mee en dat betekent dat we elk jaar zo’n 3.000 bomen rooien. We streven ernaar om tenminste 50% van het vrijkomende hout duurzaam te verwerken. De stam gaat naar de meubelindustrie of de papierfabriek, het kleine hout eindigt als snippers. Samen met onze aannemers onderzoeken we of we de snippers kunnen verwerken als brandstof voor biocentrales. In een biocentrale wordt biologisch afval verbrand om energie op te wekken. We zouden graag binnen ons eigen werkgebied ook een centrale zien verschijnen voor onze biomassa. Dat scheelt weer transport en zo houden we de cirkel zo klein mogelijk. Doordat we zoveel bomen hebben, zijn we een stabiele leverancier van biomassa en dat is aantrekkelijk voor bedrijven. Maar het is aan de markt om een dergelijke centrale aan te leggen. Wel willen we als overheid de eerste stap zetten in dit proces om zo in Zeeland het gebruik van biomassa als verwarming te stimuleren.

Voor meer informatie zie ons Innovatie Jaarboek 2017.